De NOW-regeling vergoedt tot 90 procent van de loonkosten van bedrijven die minstens 20 procent omzetverlies hebben. Het omzetverlies wordt bepaald op basis van 25 procent van de omzet van 2019. Dit moet worden vergeleken met de omzet in de periode maart tot en met mei 2020. Werkgevers kunnen echter ook kiezen voor een periode die een of twee maanden later start. De SRA, belangenbehartiger en grootste vereniging van accountantskantoren in Nederland, legt de aanpassingen uit.

Nederlandse bankrekening niet meer vereist
Een van de aanpassingen betreft de eis dat het bedrijf dat de NOW aanvraagt, over een Nederlands bankrekeningnummer moet beschikken. Deze eis vervalt, omdat dit in de praktijk soms tot forse moeilijkheden leidt. Werkgevers met een niet-Nederlands SEPA-bankrekeningnummer hoeven dus niet langer een Nederlands bankrekeningnummer aan te leveren.

Akkoord met openbaarmaking
Degene die de NOW aanvraagt, gaat ook automatisch akkoord met en eventuele openbaarmaking van gegevens inzake de NOW-aanvraag in het kader van de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB). Bepaalde informatie waarover het UWV beschikt kan in het kader van de subsidieaanvraag echter concurrentiegevoelig zijn. Daarom is ervoor gekozen om de automatische instemming alleen te laten gelden voor een aantal gegevens die voor transparantie over de besteding van publieke middelen het meest van belang zijn, maar geen bedrijfsgevoelige informatie prijsgeven.

Personeels-bv binnen concern
Verduidelijkt is dat personeels-bv’s binnen een concern zelf geen beroep op de NOW kunnen doen. Andere bv’s binnen het concern hebben deze mogelijkheid wel.

Geen melding loonkostensubsidie
Werkgevers die de NOW aanvragen en ook recht hebben op de loonkostensubsidie voor werknemers met een arbeidsbeperking, hoeven deze subsidie niet met de NOW te verrekenen. Daarom is melding van de toekenning van de NOW-subsidie aan de gemeente niet meer nodig.

Er is opnieuw een uitbreiding aangekondigd van de doelgroep van het noodloket waar getroffen ondernemingen een eenmalige gift kunnen krijgen van € 4.000. Inmiddels is via dit loket al € 58 miljoen uitgekeerd, staat in een brief (pdf) aan de Tweede Kamer. Horeca, kapperszaken en winkeliers kunnen hier al terecht, en vanaf 15 april komen hier nog meer branches bij. Daarbij gaat het onder meer om tattooshops, fysiotherapeuten, taxibedrijven en dierentuinen.
Of een onderneming in aanmerking komt voor de tegemoetkoming, hangt af van de zogeheten SBI-code die de onderneming heeft in het Handelsregister.
De lijst met SBI-codes van branches die al in aanmerking komen en de uitbreiding (pdf) staan op de site van de RVO.

Bron: Rendement.nl

Als de coronacrisis grote gevolgen heeft voor de omzet en liquiditeit van een bv, mogen de bv en aanmerkelijkbelanghouder gedurende 2020 tijdelijk een lager maandloon afspreken. Aan het einde van het jaar stelt de bv het gebruikelijk jaarloon voor 2020 vast en vermeldt dit in de aangifte loonheffingen.

Voor een aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder) mag u het gebruikelijk loon voor 2020 dus achteraf bepalen. Dan is duidelijker wat de impact is van de coronacrisis op de bv. U hebt dan meer inzicht in het bepalen van de hoogte van het gebruikelijk jaarloon.

Niet met terugwerkende kracht verlagen

Loon dat de ab-houder al genoten heeft over verstreken perioden in 2020, kan niet teruggedraaid worden. De bv en ab-houder kunnen alleen over toekomstige maanden in 2020 het loon verlagen.

Verlaging in aangiften loonheffingen

Bij verlaging van het maandloon vermeldt u in de aangiften loonheffingen het loon dat de ab-houder heeft genoten, inclusief het eventuele loon in natura (bijvoorbeeld privégebruik auto). Uiterlijk aan het einde van het kalenderjaar of op het moment waarop de dienstbetrekking eindigt, bepaalt u wat het gebruikelijk loon voor het jaar 2020 is. Als de bv te weinig loon heeft betaald, moet de bv het verschil als loon aangeven en daarover loonheffingen berekenen.

Verzoek om vooroverleg hoeft niet

De bv en ab-houder mogen een tijdelijk lager loon overeenkomen. Daar is geen verzoek om instemming van of vooroverleg met de Belastingdienst voor nodig. U hoeft dus geen verzoek om vooroverleg in te dienen.

Bron: Belastingdienst

Beste relatie,

Ondanks alle Corona-maatregelen, hoeft u zich geen zorgen te maken over de bereikbaarheid van ons kantoor en onze medewerkers.
Voor uw én onze gezondheid hieronder nog even alle informatie op een rij:

Natuurlijk hopen wij u snel weer in goede gezondheid te mogen verwelkomen op ons kantoor!

Met vriendelijke groet, namens het hele team van Belasting- en bedrijfsadvieskantoor C. van Weelden.

 

Door de gevolgen van het coronavirus wordt de tijdelijke maatregel Noodfonds Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) ingezet in plaats van de Werktijdverkorting.

NOW vergoedt de loonkosten tot een maximum van 90 procent als er sprake is van meer dan 20 procent omzetverlies vanaf 1 maart 2020. NOW geldt ook voor werknemers met een flexibel contract, zoals oproepkrachten.

Hoeveel procent van jouw loonkosten wordt vergoed, hangt wel af van je omzetverlies. Zo ontvang je bij 100 procent omzetverlies, 90 procent van je loonkosten. Heb je 50 procent omzetverlies, dan krijg je een tegemoetkoming van 45 procent van de loonsom.

Je kunt NOW direct benutten voor een periode van drie maanden. Daarna kun je eenmalig verlengen voor opnieuw drie maanden. Je mag dan in deze periode geen personeel ontslaan vanwege bedrijfseconomische redenen. Je moet de lonen gewoon doorbetalen.

Tip

Binnenkort kun je NOW aanvragen. Lees meer over het Noodfonds (NOW) op de website van de Rijksoverheid.

 

Bron: ondernemenmetpersoneel.nl

Beste cliënt,

Ook wij ontkomen niet aan enkele maatregelen rondom de actualiteit van het Corona Virus.
Wij vragen u vriendelijk ons kantoor in elk geval t/m 6 april  niet (spontaan) te bezoeken.

Momenteel zijn wij o.a. druk met uw aangiftes inkomstenbelasting; zodra uw aangifte is verwerkt, krijgt u hierover bericht via de telefoon of e-mail.
We kunnen dan iets afspreken over uw ingeleverde papieren: deze voorlopig hier op kantoor bewaren of per post opsturen tegen kostprijs.
Moet u nog papieren hiervoor bij ons inleveren? Wilt u dit zoveel mogelijk digitaal doen, danwel in de brievenbus stoppen.

Heeft u andere vragen (bijv. rondom personeelszaken). Neemt u gerust contact op met ons kantoor!
Dit kan op tel: 024-3572828 of info@cvanweelden.nl .

Het team van Belasting- en Bedrijfsadvieskantoor C. van Weelden

 

Gaat u binnenkort op reis? Check onderstaande website voor de veiligheidsrisico’s:

https://www.nederlandwereldwijd.nl/reizen/reisadviezen

Een vast contract met een vaste arbeidsomvang: dat klinkt als een relatief eenvoudige voorwaarde voor het in 2020 toepassen van de lage WW-premie. Toch is dat zeker niet altijd het geval. De werknemer moet namelijk wel getekend hebben voor dat vaste contract, óók als hij eerst een tijdelijk contract had.

In de praktijk wordt er bij een omzetting van een tijdelijk naar vast contract vaak wel een bevestigingsbrief gestuurd met een handtekening van de werkgever, maar tekent de werknemer die brief niet. Het directe gevolg daarvan is dat er niet voldaan wordt aan de eis dat er een schriftelijk contract voor onbepaalde tijd is. De werkgever is dan dus 5 procentpunt meer premie kwijt aan de WW: 7,94% in plaats van 2,94%.

Addendum is de oplossing

De oplossing is een zogenoemd addendum: een document dat bij de arbeidsovereenkomst gevoegd wordt. Dat moet dan wel voldoen aan de volgende drie voorwaarden:

Drie voorwaarden om aan te voldoen

Overigens geldt niet voor alle vaste contracten de lage WW-premie. Er gelden namelijk drie voorwaarden. Alleen als aan al deze drie voorwaarden voldaan wordt, is de werkgever goedkoper uit:

Deze drie voorwaarden komen overeen met drie rubrieken in de loonaangifte. De werkgever moet die invullen met J, J en N – ja, ja en nee – om de lage premie toe te passen.

 

Bron: Rendement.nl

Op grond van de wet die op 1 januari 2020 van kracht wordt, geldt het volgende. De werkgever moet de oproepkracht die gedurende 12 maanden als zodanig heeft gewerkt een overeenkomst met een vaste arbeidsomvang aanbieden. Voorwaarde is dat de arbeidsovereenkomst voldoet aan de definitie van oproepovereenkomst. Deze vaste arbeidsomvang moet gelijk zijn aan het gemiddelde aantal uren van de laatste 12 maanden.

Dit is een ‘harde’ verplichting van de werkgever. Als de werkgever het aanbod niet doet, dan heeft de oproepkracht automatisch aanspraak op het loon over het gemiddeld aantal gewerkte uren in de laatste 12 maanden.

Belangrijk om te weten is dat dit direct geldt. Werkgevers met oproep­krachten die op 1 januari 2020 12 maanden of langer als oproepkracht werkzaam zijn geweest, moeten deze oproepkrachten voor 1 februari 2020 een aanbod doen. Dit aanbod moet voor een dienstverband zijn met een vaste arbeidsomvang die gelijk is aan de gemiddelde arbeidsomvang in de laatste 12 maanden.

Inwerkingtreding en overgangsrecht

De nieuwe regels voor oproepovereenkomsten treden op 1  januari 2020 in werking. De nieuwe regels zijn dan per direct van kracht. Dat bekent dat vanaf 1 januari 2020 de hogere WW-premie moet worden betaald en dat de oproep- en afzegtermijnen vanaf dan gelden. Aan oproepkrachten die op 1 januari 2020 al 12 maanden of langer als oproepkracht werken, zullen werkgevers ook meteen al een vaste arbeidsomvang moeten aanbieden.

 

Bron: xperthr.nl

 

Wat betekent het nieuwe btw-identificatienummer voor mij?

(klik op de link voor het artikel)

 

Bron: Belastingdienst

Privacyverklaring

 

 

 

 

 

 

 

 

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/arbeidsovereenkomst-en-cao/wab-checklist-voor-werkgevers

Bron: Rijksoverheid

Wat betekent de WAB voor de salarisprofessional?

Kleine ondernemersregeling (KOR) per 1-1-2020

Beste relatie,

Uw belastingzaken zijn van invloed op uw portemonnee.
Dan wilt u toch ook dat hier vakkundig mee om wordt gegaan?
Daarom hebben wij voor onze relaties een machtigingsaanvraag gedaan bij de Belastingdienst.

Voor de meesten van u is dit een bekend principe, maar hieronder toch nog even uitgelegd:

Vooraf ingevulde aangifte (VIA): met een VIA-machtiging geeft u ons toestemming om de reeds bekende gegevens van de belastingdienst te kunnen inzien. De stukken die u ons aanlevert kunnen met deze machtiging beter gecontroleerd worden, zodat wij u een complete en foutloze aangifte kunnen uitreiken! U wilt toch geen aftrekpost onbenut laten?

Service bericht aanslagen (SBA): met een SBA-machtiging geeft u ons toestemming om belastingaanslagen in te zien. Hierdoor zijn wij sneller op de hoogte van uw (lopende) aanslag / teruggaaf en kunnen hiermee onverwachte teleurstellingen aan het einde van het jaar voorkomen.
Zo kan tijdig de aanslag gewijzigd worden als er financiële veranderingen ontstaan in het lopende jaar.

Wat kan ik nu het beste doen?
De brief met VIA-machtiging bevat een code, deze zouden wij heel graag van u ontvangen.
De brief met SBA-machtiging werkt andersom. Doet u niets, dan kunnen wij alle aanslagen inzien.
Wilt u dit niet, stuur ons dan de code op voor de intrekking!

Eindejaarsbericht: 

Het jaar 2018 is weer alweer bijna ten einde.

In de laatste week van dit jaar (vanaf ma. 24 december) zal ons kantoor met minimale personeelsbezetting geopend zijn.

Wij hopen dat u een succesvol jaar heeft mogen beleven en willen u bedanken voor het vertrouwen in ons kantoor.
In 2019 staan wij graag weer voor u klaar, om u te ondersteunen, zoals u dat van ons gewend bent.

 

Nieuw bij C. van Weelden:

Uw zorgverzekering voor 2019 vergelijken en direct overstappen!
Klik op de button hieronder en zoek de voor u best passende (en meest voordelige) zorgverzekering.

Vragen? Bel met één van onze medewerkers op 024-3572828 of e-mail naar info@cvanweelden.nl .

Klik op onderstaande link voor de bedragen Minimumloon 2019:

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/minimumloon/bedragen-minimumloon/bedragen-minimumloon-2019

 

 

 

Privacyverklaring laatst bijgewerkt: 18-05-2018

Verbetering stelsel kinderopvangtoeslag

Ouders krijgen nu maandelijks een toeslag op basis van een zelf gemaakte inkomensschatting en een schatting van het aantal uren opvang dat zij komend jaar zullen gebruiken. In veel gevallen kloppen deze schattingen niet en moeten ouders (een gedeelte) van de kinderopvangtoeslag terugbetalen.
Het  kabinet wil voorkomen dat ouders in financiële onzekerheid verkeren. Daarom wil het kabinet verbeteringen binnen het huidige stelsel van de kinderopvangtoeslag doorvoeren.

Wat houden de plannen in?
Bij de Belastingdienst zullen verbeteringen worden doorgevoerd:

  1. De Belastingdienst wil gebruik maken van gegevens die kinderopvangorganisaties maandelijks krijgen. Bijvoorbeeld factuurgegevens. Ook wil de Belastingdienst regelmatig in gesprek gaan met de ouders om te controleren of de gegevens waarop het maandelijkse voorschot is gebaseerd (nog) actueel is.
  2. De Belastingdienst wil persoonlijke begeleiding (casemanagement) en speciale aandacht voor ouders die in het verleden te maken hebben gehad met terugvorderingen.
  3. De digitale dienstverlening wordt verder uitgebouwd. Ouders krijgen ondersteuning bij het vooraf schatten van de opvanguren. Ook bij wijzigingen van (persoonlijke) gegevens zal er eerder een (waarschuwings)melding richting ouders worden gestuurd. Ouders worden hiermee gedeeltelijk ontlast, maar blijven zelf verantwoordelijk voor het aanvragen, stoppen en wijzigen van alle relevante gegevens.
 Bron: Rijksoverheid

Vanaf 1 maart 2018 moet iedereen die werkt of woont op een locatie van een kinderopvang zich inschrijven in het Personenregister Kinderopvang. Op die manier kan de overheid vaste en tijdelijke medewerkers continu screenen.

Voor vaste medewerkers, gastouders en hun huisgenoten bestaat deze screening al sinds 2013. Tijdelijke medewerkers zijn bijvoorbeeld stagiaires, uitzendkrachten en vrijwilligers. Samen met bijvoorbeeld het vierogenprincipe voor kinderdagverblijven draagt het register bij aan meer veiligheid voor kinderen in de opvang.

Administratieve voordelen
Ook levert het personenregister administratieve voordelen op. Zo hebben medewerkers alleen bij inschrijving in het personenregister een geldige Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) nodig. Het register voorziet in de controle van de VOG, bijvoorbeeld bij het wisselen van werkgever.

Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) is uitvoerder.

Bron: Pleio

De fiscale bewaarplicht is een wettelijke verplichting die geldt voor alle ondernemers in Nederland. Dit betekent dat ondernemers verplicht zijn om bijvoorbeeld de basisgegevens van de administratie zeven jaar te bewaren. Zodanig, dat inspecteurs van de Belastingdienst de administratie binnen een redelijke termijn eenvoudig moeten kunnen controleren. 

Dit vraagt nogal wat van ondernemers. Zeker als ze gewend zijn met oude vertrouwde ordners te werken. Grote kans dat ze zonder het te weten, niet aan de bewaarplicht voldoen. Hieronder 7 inzichten en feiten over de fiscale bewaarplicht waar de ondernemer, maar ook jij als financieel adviseur anno 2017 niet omheen kunt.

1. Fiscale bewaarplicht: wat betekent het?

De fiscale bewaarplicht is een wettelijke verplichting die ondernemers hebben om de Belastingdienst de mogelijkheid te bieden om de administratie tot zeven jaar terug te kunnen controleren. Voor een dergelijke controle, kunnen verschillende aanleidingen zijn. Bijvoorbeeld ingediende aangiften die de Belastingdienst verdacht vindt of een onderzoek die ze verrichten bij bijvoorbeeld een van de leveranciers of een zakenpartner van je klant. De inspecteur vraagt dan inzage in de administratie en kijkt of hij fouten of onregelmatigheden kan ontdekken.

Ondanks dat de kans misschien niet groot is dat een inspecteur bij jouw klant aanklopt, is het toch verstandig om de administratie goed op orde te hebben. Een goed ingerichte administratie helpt immers niet alleen te voldoen aan de fiscale bewaarplicht. Het geeft ondernemers ook een betrouwbare bron van cijfers waarop ze kunnen vertrouwen in de beslissingen die ze nemen.

2. Wat moet je bewaren en hoe lang?

Om controles van de Belastingdienst mogelijk te maken, dienen ondernemers de basisgegevens van de administratie zeven jaar te bewaren. Basisgegevens zijn:

Naast deze basisgegevens moeten ze ook gegevens met betrekking tot bijvoorbeeld onroerende zaken bewaren. Deze moeten tien jaar bewaart blijven. Jij en je klant kunnen met de Belastingdienst speciale afspraken maken over eventuele kortere bewaartermijnen als het gaat om andere gegevens die van belang zijn voor de bewaarplicht.

3. Hoe moet je facturen bewaren?

Een belangrijk onderdeel van de fiscale bewaarplicht is de manier waarop gegevens bewaard en ontvangen worden. Volgens de wettelijke bepalingen moeten boeken, bescheiden én gegevensdragers die voor de belastingheffing van belang zijn, bewaard worden zoals ze ontvangen zijn. In de originele staat.

En daar zit ‘m vaak het probleem waar veel ondernemers niet op bedacht zijn. Deze regel schrijft namelijk voor dat je een factuur die je via de mail ontvangt, niet mag uitprinten en fysiek in een ordner mag stoppen. Je hebt de factuur immers oorspronkelijk als digitaal bestand ontvangen. Die facturen mag je dus volgens de regels van je fiscale bewaarplicht uitsluitend digitaal opslaan. De tijd dat je alles veilig in een ordner kunt opbergen, is daarmee voorgoed voorbij.

Een digitale factuur dien je dus digitaal te bewaren. Alleen de factuur zelf opslaan is nog niet voldoende. De Belastingdienst wil dat je klant aantoont dat na ontvangst, de factuur niet eigenhandig is aangepast. Dit doe je door niet alleen de factuur zelf, maar bijvoorbeeld ook de mail op te slaan waarin de factuur als bijlage zat. Zo kan de inspecteur zien dat de factuur die je klant als pdf- of Word-bestand heeft opgeslagen dezelfde is als die oorspronkelijk via de mail is ontvangen. Een belangrijke voorwaarde als het gaat om digitaal bewaren van de administratie.

4. Digitale facturen niet zomaar digitaal bewaren

Een andere belangrijke voorwaarde is om deze gegevens vervolgens zeven jaar lang te bewaren. Om dit correct te doen, dient je klant, volgens een geldende procedure, back-ups te maken. Zodanig dat de complete administratie gedurende die jaren toegankelijk en controleerbaar blijft. Wil je klant die verantwoordelijkheid liever vereenvoudigen, dan biedt een digitaliseringstool een goed alternatief.

5. Hoe bewaar je fysieke facturen op papier?

Een factuur die je klant via de post op papier ontvangt, mag hij of zij van de Belastingdienst wel digitaliseren en digitaal bewaren. Het bronbestand (de factuur op papier) vervang je daarmee door een digitaal bestand. Dit wordt ‘conversie’ genoemd.

Als accountant weet je waar je bij digitaliseren op moet letten. Voor ondernemers is dit minder vanzelfsprekend. Zij digitaliseren vaak door facturen in te scannen, er een foto van te maken of door, veelal door hun accountant, een digitaliseringstool aan hun boekhoudprogramma te laten koppelen. Ook wel ‘scan & herken’ genoemd. Alleen via deze laatste manier van digitaliseren, is het mogelijk om facturen niet alleen eenvoudiger te digitaliseren, maar ook volgens de juiste procedure.

De Belastingdienst verwijst in een brochure* over de fiscale bewaarplicht naar de voorwaarden waaraan een conversie moet voldoen. Van belang hierbij is, dat de echtheidskenmerken van het origineel niet verloren gaan. Hierover zegt de Belastingdienst dat ‘de beheersingsmaatregelen in de organisatie tezamen met de geconverteerde gegevens (bijvoorbeeld een scan) de gewenste zekerheid moeten geven over de echtheid van het document‘. Wat betekent dat?

Dit betekent dat het aan te raden is om bonnen en facturen ook in originele staat te bewaren…op papier dus. Vooral contant betaalde bonnen zijn voor de Belastingdienst lastig op echtheid te controleren. Daarentegen zijn er ook voorbeelden bekend van accountantskantoren die hier met de Belastingdienst afspraken over hebben gemaakt. Kantoren die collectief voor al hun klanten toestemming hebben gekregen om fysieke facturen digitaal te bewaren waardoor ze niets meer op papier hoeven te bewaren.

Wil je echter meer zekerheid op dit punt van de bewaarplicht en wil je mee in de digitale ontwikkelingen voor de toekomst? Dan is overgaan op e-factureren de beste optie.

6. Van fiscale bewaarplicht naar digitale bewaarplicht

Dat je fysieke facturen wel digitaal mag maken, maar digitale facturen niet fysiek, betekent dat ook de Belastingdienst steeds meer digitaliseert. De blauwe enveloppen behouden we voorlopig nog, maar er komt een moment dat die verdwijnen. Steeds meer ondernemers ontvangen en versturen digitale facturen en de Nederlandse Rijksoverheid eist zelfs van leveranciers dat ze e-facturen sturen.

Zo wordt langzaam maar zeker alles digitaal. Net als het deel van de administratie dat je als accountant bijhoudt voor je klanten. Ook dat deel valt onder de fiscale bewaarplicht van je klant en is vermoedelijk volledig digitaal of digitaal gemaakt. Voor ondernemers die nog steeds met ordners werken of hun administratie half digitaal en half op papier doen, wordt het zo steeds lastiger om aan hun fiscale bewaarplicht te voldoen. Een administratie die verdeeld over verschillende systemen en locaties, zowel digitaal als op papier wordt vastgelegd, is al snel niet toegankelijk genoeg voor de Belastingdienst.

Het is heel aannemelijk dat jouw klant niet weet dat hij of zij niet aan de bewaarplicht voldoet. Als hij alle digitaal ontvangen gegevens uitprint en in een map stopt, lijkt hij het immers allemaal netjes op orde te hebben. In werkelijkheid verschuift de fiscale bewaarplicht steeds meer naar een digitale bewaarplicht. Het duurt niet lang meer of de oude vertrouwde ordner in de kast maakt definitief plaats voor de digitale ordner in de Cloud.

7. Overstappen op digitale administratie

Gezien deze ontwikkelingen, is het voor ondernemers die het goed voor elkaar willen hebben verstandig de stap te maken naar een [volledig] digitale administratie. Veel accountantskantoren werken immers al met online boekhoudprogramma’s die dit mogelijk maken. Alleen beseffen veel ondernemers niet voldoende dat zijzelf verantwoordelijk blijven voor hun bewaarplicht en voor de maatregelen die hiervoor nodig zijn. Het beste is als accountants hen hierop wijzen en hen helpen bij het goed inrichten van hun administratie waarmee ondernemers voldoen aan hun wettelijke bewaarplicht.

De online boekhoudprogramma’s waar accountantskantoren mee werken, leveren niet alleen beter controleerbare administraties op. Ze bieden ook hulp om te voldoen aan de wettelijke bewaarplicht én ze bieden meer veiligheid. Veiligheid die ontbreekt als je een administratie op een eigen computer bewaart of op een externe harde schijf. Met goed bewaakte firewalls en beveiligde sleutels slaan accountants met een goed online boekhoudprogramma administraties automatisch op in de Cloud. Een digitale kluis op een veilige plek waar niemand anders bij kan dan de accountant, de ondernemer of de Belastingdienst wanneer ze de boeken moeten controleren. Altijd eenvoudig en vanaf elke locatie.

Concluderend komt er bij de bewaarplicht behoorlijk wat kijken en zou het voor veel ondernemers een eye opener zijn als zij geïnformeerd worden over hun bewaarplicht, over de voorwaarden van deze plicht en de opties om hier goed en veilig aan te voldoen. Het zou mooi zijn als deze blog hier enigszins aan heeft kunnen bijgedragen.

Download hier de volledige brochure van de belastingdienst over de voorwaarden van de fiscale bewaarplicht.

 

Bron: Wolters Kluwer

Om ervoor te zorgen dat werkgevers serieus aan de slag gaan met de wijzigingen van de Arbowet, krijgen ze met ingang van 1 september 2017 direct een boete opgelegd als ze niet beschikken over een basiscontract met een arbodienstverlener.

Met ingang van 1 september 2017 wordt de Beleidsregel boeteoplegging Arbeidsomstandighedenwet aangepast. Dat houdt in dat Inspectie SZW organisaties die niet beschikken over een basiscontract met een arbodienst of een bedrijfsarts, meteen een boete opleggen. Nu is het nog zo dat werkgevers die geen arbocontract hebben, eerst een waarschuwing krijgen en tijd om het alsnog in orde te maken. De aanpassing van de beleidsregel komt voort uit de wijzigingen in de Arbowet(tool) en het Arbobesluit die op 1 juli 2017 zijn ingegaan.

Regel geldt voor alle nieuwe basiscontracten vanaf 1 juli 2017

In de gewijzigde Arbowet staat dat organisaties per 1 juli 2017 moeten beschikken over een zogenoemd basiscontract (tool) met een arbodienstverlener (arbodienst of bedrijfsarts). Voor bestaande contracten geldt een overgangsperiode: werkgevers en arbodienstverleners krijgen tot 1 juli 2018 de tijd om de contracten aan te passen. De gewijzigde beleidsregel is van toepassing op alle nieuwe basiscontracten die per 1 juli 2017 zijn afgesloten. Organisaties krijgen ook een boete als het basiscontract geen afspraken bevat over de verzuimbegeleiding.

Bron: Rendement.nl

Mededeling Belastingdienst over beëindiging verzending elektronische kopieën

Sinds juni 2017 is de verzendwijze van de elektronische kopieën van aanslagen en beschikkingen aan uw belastingconsulent gewijzigd.
Om u hierover in te lichten kan het zijn dat u onderstaande brief heeft ontvangen van de Belastingdienst.
Geen zorgen, er is een nieuw systeem waarmee wij alsnog over uw aanslagen kunnen beschikken.

Enige tijd geleden zijn wij als kantoor overgegaan op een nieuw systeem, waardoor wij automatisch met een SBA machtiging kunnen beschikken over uw aanslagen van de Belastingdienst. Deze brief is ter informatie en u hoeft hiervoor geen actie te ondernemen.

Twijfelt u of wij een machtiging hebben om uw aanslagen te ontvangen? Dan kunt u altijd even contact opnemen met ons. (Tel 024-3572828)

 

Bang voor boetes of naheffingen? Niet nodig!

De Belastingdienst stelt de handhaving van de Wet DBA uit tot in ieder geval 1 juli 2018, tenzij ze u als kwaadwillend zien. Huurt u een zzp’er in? En constateren zij achteraf dat er sprake is van een dienstbetrekking? Dan krijgt u in ieder geval tot 1 juli 2018 géén correctieverplichtingen of naheffingsaanslagen loonheffingen. Ook kunt u daarvoor tot die tijd geen boetes krijgen.

De handhaving is eerder al uitgesteld tot 1 januari 2018. Een nieuw kabinet beslist over wat er verder gebeurt met de wet DBA. In ieder geval moeten opdrachtgevers en opdrachtnemers voldoende tijd krijgen om hun werkwijze zo nodig aan te passen. Daarom is besloten de handhaving opnieuw uit te stellen.

Let op!

Het opschorten van de hiervoor genoemde repressieve handhaving geldt niet als u door de Belastingdienst als kwaadwillende wordt gezien. U bent kwaadwillend als u opzettelijk een situatie van evidente schijnzelfstandigheid laat ontstaan of voortbestaan, omdat u weet – of had kunnen weten – dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking (en daarmee een oneigenlijk financieel voordeel behaalt en/of het speelveld op een oneerlijke manier aantast). De handhaving richt zich nu eerst op de ernstigste gevallen: situaties waarin partijen evident buiten het wettelijk kader treden. Het gaat daarbij dus niet om een zelfstandige professional bij wie er ruis is over de gezagsrelatie. Het gaat wel om gevallen waarin opdrachtgevers opereren in een context van opzet, fraude of zwendel. Daarbij kan worden gedacht aan situaties waarin sprake is van listigheid, valsheid of samenspanning en situaties die leiden tot ernstige concurrentievervalsing, economische of maatschappelijke ontwrichting of waarin het risico aanwezig is van uitbuiting. Indien u als kwaadwillend wordt gezien, zal de Belastingdienst handhavend optreden. Dit betekent dat de Belastingdienst in geval van kwaadwillendheid correctieverplichtingen of naheffingsaanslagen kan opleggen.

Bron: Belastingdienst

Neem voor meer informatie over onze diensten administratie, belastingadvies, loonadministratie, boekhouding zzp, direct contact op met Belasting- en Bedrijfsadvieskantoor C. van Weelden!

Social media & sharing icons powered by UltimatelySocial

Bel me terug

Naam

Telefoonnummer